Selecteer een pagina

Ingrediënten voor 4 personen
1 lamsschouder (± 1,3 kg), ontbeend en opgerold
½ liter droge witte bonen (type tarbais, soisson, coco, …), of 1 liter verse
1 mirepoix (mengsel van fijngehakte wortel en ui, gekneusde knoflook, tijm, laurier, stukje zwoerd en een lepel gekneusde korianderbolletjes)
3 tomaten
1 theelepel piment
scheut arachideolie
200 g boter
peper en zout
bosjes bonenkruid, gesnipperd
2 dl droge witte wijn
mespunt bicarbonaat

Bereiding
Zet de droge bonen 1 nacht te week in water met bicarbonaat.
Breng ze aan de kook in koud water en verfris ze onder de kraan.
Kruid het vlees met peper en zout en kleur in de olie aan alle zijden.
Schik de mirepoix rond het vlees, voeg de boter toe.
Dompel de tomaten 30 seconden onder in kokend water en verfris onder de kraan.
Pel, snijd doormidden en ontpit.
Voeg, samen met de pitten en sap, bij de schouder.
Schenk de wijn bij de lamsschouder.
Laat 2 uur sudderen op een laag pitje.
Draai het vlees regelmatig om en schep er telkens jus over.
Neem het vlees uit de pan.
Duw de jus door een zeef en gaar er dan gedurende 1 ½ uur op een laag pitje de bonen in tot ze het jus opgezogen hebben.
Doe de bonen bij de schouder, evenals het piment.
Dek af met aluminiumfolie, blinkende kant naar beneden.
Zet met deksel 35 minuten in een oven van 180°C.
Bestrooi met bonenkruid.
Snijd aan tafel aan.